Advies aan de Tweede Kamer over het voorstel van wet houdende vastlegging in de Vreemdelingenwet 2000 van het associatierecht EEG-Turkije

Volledige versie

Op 7 juni 2016 heeft de ACVZ advies uitgebracht aan de voorzitter van de Tweede Kamer over een initiatief wetsvoorstel van het Tweede Kamerlid Voortman. Het doel van het wetsvoorstel is om de kernbepalingen van het associatierecht EEG-Turkije (het associatierecht) in de Vreemdelingenwet te verankeren. Het associatierecht bestaat – voor zover van belang voor het Nederlandse vreemdelingenrecht – uit de Associatieovereenkomst EEG-Turkije, het Aanvullend Protocol bij die overeenkomst en de Besluiten 2/76 en 1/80 van de Associatieraad EEG-Turkije. Vastlegging van het associatierecht is naar het oordeel van mevrouw Voortman noodzakelijk om de rechtszekerheid te waarborgen en de transparantie te vergroten waardoor onjuiste toepassing van het associatierecht wordt voorkomen. Het associatierecht is door het Hof van Justitie van de Europese Unie nader uitgelegd in meer dan 60 arresten. De fragmentatie die daardoor is ontstaan doet afbreuk aan de kenbaarheid van het associatierecht en daarmee aan de rechtszekerheid.

De ACVZ waardeert het initiatief om het associatierecht vast te leggen in nationale regelgeving. Belangrijkste redenen hiervoor zijn dat door vastlegging van het associatierecht de rechtszekerheid wordt gediend, maar dit op Europees niveau in de Associatieraad EEG-Turkije niet van de grond komt.

De adviescommissie heeft een voorkeur voor vastlegging van het associatierecht in het Vreemdelingenbesluit in plaats van in de Vreemdelingenwet, omdat daarmee aangesloten wordt bij de systematiek van de wet en het besluit. Bovendien is het Vreemdelingenbesluit eenvoudiger te wijzigen dan de Vreemdelingenwet, waarmee de rechtszekerheid wordt gediend zonder dat dit onttrokken is aan parlementaire controle.

De ACVZ is van oordeel dat in het wetsvoorstel in de artikelen 45k tot en met 45o de rechten die voor Turkse onderdanen voortvloeien uit het associatierecht kernachtig en volledig zijn weergegeven. De adviescommissie beveelt aan om deze artikelen integraal op te nemen in een aparte paragraaf in het Vreemdelingenbesluit. In het advies heeft de ACVZ zich voorts nog uitgelaten over het voorstel om de artikelen 1, 8 onder l en 17, eerste lid, van de Vreemdelingenwet te wijzigen. De adviescommissie doet de aanbeveling om deze artikelen van de wet niet te wijzigen. Voor de motivering wordt verwezen naar het volledige advies.